BEYOND

GidsenVeiligheid10 min. leestijdBijgewerkt

Basiskennis lawines: gevaarniveaus, hellingshoek, controlepunten

Gevaarniveaus, de vijf dingen die over een helling beslissen, terreinvallen en wat de hellingshoeklaag je wel en niet vertelt.

Inhoud

De Europese lawinegevarenschaal

De Europese lawinegevarenschaal loopt van 1 (gering) tot 5 (zeer groot). Op die schaal is elk lawinebulletin gebaseerd, van het SLF in Zwitserland, de lawinediensten van de Oostenrijkse deelstaten en avalanche.report voor Tirol tot Météo-France.

Niveau 1 (gering): Het sneeuwdek is over het algemeen stabiel. Spontane lawines zijn onwaarschijnlijk. Door wintersporters veroorzaakte lawines zijn alleen mogelijk op zeer steil, extreem terrein.

Niveau 2 (matig): Het sneeuwdek is op sommige steile hellingen maar matig verstevigd; elders is het over het algemeen goed verstevigd. Door wintersporters veroorzaakte lawines zijn mogelijk op steile hellingen met de kenmerken die het bulletin beschrijft.

Niveau 3 (aanzienlijk): Het sneeuwdek is op veel steile hellingen kritiek. Door wintersporters veroorzaakte lawines zijn waarschijnlijk. Spontane lawines zijn mogelijk.

Niveau 4 (groot): Het sneeuwdek is op de meeste steile hellingen zwak verstevigd. Door wintersporters veroorzaakte lawines zijn op veel steile hellingen waarschijnlijk, zelfs door één skiër of snowboarder. In sommige gevallen worden veel grote en vaak ook zeer grote spontane lawines verwacht.

Niveau 5 (zeer groot): Het sneeuwdek is extreem instabiel. Er worden veel grote spontane lawines verwacht. Mijd al het lawineterrein.

In Zwitserland valt ongeveer de helft van de lawinedoden bij niveau 3 (SLF): levensgevaarlijk, en toch gaan veel mensen op pad. Bij niveau 3 is het essentieel dat je wegblijft van steil terrein (boven 30°) op de exposities en hoogtes die het bulletin noemt. Hoe je elk onderdeel van het bulletin leest, staat in de gids “Een lawinebulletin lezen”.

Vijf dingen die je op een helling controleert

Vijf dingen bepalen grotendeels hoe het op een helling met het lawinegevaar zit: hoe steil hij is, waar hij ligt, naar welke kant hij gericht is, wat er onder de sneeuw zit en welke vorm hij heeft. Deze checklist is iets anders dan SLABS, het risicomodel uit 2024 van Skitourenguru, SLF, VITO en NTNU, dat BEYOND voor een gebied doorrekent met het bulletin als invoer.

Hellingshoek

De meeste plaatlawines komen los op hellingen tussen 30° en 45°. Hellingen onder 30° zijn flauwer dan de hoek waarop lawines meestal loskomen; wat ze bereikt, is de uitloop van steilere hellingen erboven. Van hellingen boven 50° glijdt de sneeuw meestal doorlopend af, in plaats van dat zich gevaarlijke platen opbouwen.

Met een hellingshoeklaag (zoals die in BEYOND) zie je welke delen van een berg in het kritieke bereik van 30° tot 45° vallen, voordat je aan een lijn begint. De laag toont de hoek, niet het sneeuwdek van vandaag: of een helling van 35° vandaag een probleem is, staat in het bulletin.

Ligging: hoogte en plek in het terrein

Het lawinebulletin noemt welke hoogtezones het gevaarlijkst zijn. Ingewaaide hellingen bij graten zijn meestal gevaarlijker dan beschut bosterrein. Geulen en terreinvallen onder steile hellingen maken de gevolgen ernstiger, ook in minder steil terrein.

Expositie: naar welke kant de helling gericht is

Als er kritieke exposities zijn, noemt het bulletin ze; vergelijk je lijn daarmee op de hoogtes die erbij staan.

Ondergrond: wat eronder zit

Een gladde ondergrond zoals gras of rotsplaten geeft het sneeuwdek minder houvast. Op hellingen met een gladde ondergrond komen eerder grondlawines voor, die over de volle dikte van het sneeuwdek afglijden. Ruw terrein met rotsblokken en bomen verankert het sneeuwdek beter, al zijn bomen alleen geen garantie voor veiligheid.

Vorm: terreinvormen

Op bolle hellingen (waar het terrein van vlakker naar steiler overgaat) concentreert de spanning in het sneeuwdek zich, en daar komen lawines vaak los. Holle hellingen verdelen de spanning gelijkmatiger, maar daar kan zich door de wind aangevoerde sneeuw verzamelen. Terreinvallen zoals rotswanden, geulen en gletsjerspleten onder een helling maken de gevolgen van zelfs een kleine lawine ernstiger.

Onmisbare lawine-uitrusting

Iedereen heeft een pieper, een sonde en een schep bij zich en kan ermee omgaan. Oefen kameradenredding regelmatig.

In het onderzoek van Haegeli et al. (2014) halveerde een geopende lawine-airbag de sterfte, van 22% naar 11%; één op de vijf airbags ging niet open. Waar je bij elk onderdeel op let, staat in de gids “Uitrusting voor toerskiën”.

Beter beslissen

Vermoeidheid, groepsdruk, topkoorts en vertrouwdheid met een gebied drijven riders terrein in dat ze anders zouden mijden.

Plan je route voordat je vertrekt. Bekijk het lawinebulletin. Bepaal je omkeerpunten en deel ze met de groep.

Met tools als BEYOND beoordeel je het terrein voordat je er zelf staat, want daar is de druk om door te zetten het grootst. Bekijk het 3D-terrein en de hellingshoeken, lees het bulletin en kijk vanuit huis waar het terrein steiler is dan 30°.

Vragen

Is er een gevaarniveau waarbij off-piste en toerskiën zonder risico zijn?

Nee. In Zwitserland valt ongeveer 30% van de lawinedoden bij niveau 2 en ongeveer 50% bij niveau 3 (SLF); bij niveau 1 zijn ze zeldzaam en vallen ze op enkele, extreme hellingen. Het niveau zegt niet of je moet gaan; samen met de kritieke exposities en hoogtes zegt het van welke hellingen boven 30° je wegblijft. Bij niveau 4 adviseren de lawinediensten alleen matig steil terrein, buiten de uitlopen; bij niveau 5 helemaal geen lawineterrein. Onder 30° zit je onder de hoek waarop lawines meestal loskomen, maar niet buiten bereik van wat erboven loskomt.

Wat controleer ik op een helling voordat ik hem afdaal?

Vijf dingen: de hellingshoek (de meeste plaatlawines komen los tussen 30° en 45°), de ligging (de hoogtezone en waar de helling in het terrein ligt), de expositie (naar welke kant de helling gericht is, vergeleken met de exposities die het bulletin noemt), wat eronder zit (rotsplaten, gras of een oude zwakke laag) en de vorm (bolle overgangen, geulen en terreinvallen eronder). Lees eerst het bulletin; de controle van de helling komt daarna.

Welke uitrusting heb ik nodig buiten de piste?

Per persoon een pieper, een sonde en een schep, en genoeg oefening om ze te kunnen gebruiken; de volledige lijst, met waar je bij elk onderdeel op let, staat in de gids “Uitrusting voor toerskiën”.

Over BEYOND

Uitgegeven door GoBeyond, het bedrijf van Luuk van der Poel en Ziggy Triou, twee snowboarders uit Nederland die BEYOND Maps bouwen: een 3D-kaart van de Alpen met liften en pistes, hellingshoek, het lawinegevaar van vandaag op de hellingen en je eigen routes, met daarnaast bulletinpagina's per regio op deze site. Gratis account, draait in je browser.